Korpschef van politie Erik Akerboom over inzet BHV’ers
Hoe belangrijk de bedrijfshulpverleners zijn voor de professionele hulpverlening, zoals voor de politie, wordt benadrukt door het boegbeeld van Dag van de BHV: korpschef van politie Erik Akerboom. Akerboom: “Wij ervaren telkens weer van nabij hoe belangrijk en nuttig BHV’ers zijn.” Duidelijk is dat de korpschef het hier niet alleen heeft over de inzet van BHV’ers binnen het eigen bedrijf. Heel duidelijk en van belang noemt hij ook de inzet van BHV’ers in het publieke domein, een inzet gewoon op straat dus. “Gedurende de eerste minuten voordat professionele hulp arriveert, spelen bedrijfshulpverleners vaak een cruciale rol. Zowel in bedrijven als bij incidenten op straat. Hun nabijheid, alertheid en doeltreffendheid voorkomen veel ellende en betekenen regelmatig het verschil tussen leven en dood.”

Het vinkje ‘Check, we hebben BHV’ers’ volstaat niet
De korpschef noemt de doeltreffendheid van BHV’ers. Indien de BHV’ers als eerste ter plaatse zijn om bij een calamiteit direct aan de slag te gaan, moeten zij wel de bagage hebben voor die doeltreffendheid. Ofwel, handelend kunnen optreden zonder aarzeling. Als de BHV’er zich afvraagt: ik ben benieuwd of ik in geval van een calamiteit weet hoe ik zou handelen, stel het overkomt me echt een keer’ dan is het vinkje ‘Check we hebben BHV’ers’ niets anders dan een administratieve check en het moeten voldoen aan een wettelijke verplichting, waaraan je dus mogelijk toch ook niet aan voldoet.

Goos Cardol heeft in juni zijn verjaardag kunnen vieren. Hij is ‘gewoon’ weer een jaartje ouder geworden. Een paar minuten razendsnel handelen maken het verschil en hebben ervoor gezorgd dat hij belt om zijn verhaal te doen.

Cardol: “Ik weet nu dat per week 300 mensen buiten het ziekenhuis een hartstilstand krijgen en dat van die 300 er circa 270 overlijden. Ik ben een enorme mazzelaar…”

Aan de telefoon Goos Cardol die op 9 mei jl. een hartstilstand kreeg. Omdat er zo snel en bekwaam handelend is opgetreden, kan hij het navertellen. Hieronder zijn ervaring.

“Het was de eerste dag na mijn vakantie en ik kwam van m’n werk. Daar was ik al niet goed geworden, maar ik dacht eigenlijk dat dat kwam omdat ik misschien te weinig gegeten had. Ik fietste naar huis en voelde de pijn op de borst. Maar goed, dan stap je ook niet meteen af, ik fietste gewoon verder. Maar toen ik voor het pand van Essent was, kon ik echt niet verder. Ik had zo een pijn dat ik ben afgestapt. Dat is ook meteen het laatste wat ik me nog kan herinneren. Vervolgens werd ik tweeënhalve dag later wakker in het ziekenhuis. Tussen het moment van afstappen en weer wakker worden zit een zwart gat en daarvan weet  - of beter wist -  ik niets meer van. Daar had ik het moeilijk mee; dat ik niet wist wat er in die tijd allemaal was gebeurd. Ik ben op zoek gegaan naar antwoorden: hoe het is gegaan, wie wat heeft gedaan en dus: waardoor ik nu nog leef!”

Delen: 

Inschrijven nieuwsbrief

Go To Top